woensdag 28 april 2010

Diversiteit

Wij, mensen, zijn bijzondere wezens. Ieder van ons is uitgerust met vijf zintuigen, zintuigen die ons de ons omringende werkelijkheid signaleren. Signalen die ons brein binnenkomen en vervolgens volkomen subjectief geassocieerd raken; ze raken ingepast en aangepast aan alles wat ons brein – via eerdere signaleringen – al wist.

Geen wonder dus dat wanneer verschillende mensen op één en hetzelfde ogenblik één en dezelfde gebeurtenis in de werkelijkheid ervaren… ze toch tot (zo heel) verschillende betekenisgeving ervan komen. De ervaringshistorie is immers van mens tot mens per definitie uniek. En onlosmakelijk verbonden met die unieke betekenisgeving is daar ook dat unieke, individuele gedrag: ieder mens reageert altijd weer anders. Geen situatie is gelijk. Dat is wat je noemt natuurlijke diversiteit.

Wij, mensen, zijn bijzondere wezens. We zijn niet ‘veroordeeld’ tot slechts reactief gedrag, maar kunnen ons gedrag ook bewust kiezen. We kunnen bewust, dat wil zeggen vanuit een bepaald motief, voor afwijkend, nieuw enzovoort gedrag kiezen. Ook kunnen we conform aangeleerde, wellicht oude en vertrouwde gedragspatronen, reageren – als op de automatische piloot.

Die automatische piloot is erg krachtig. Zo hoeven we, bijvoorbeeld, onder het autorijden niet voordurend te bedenken hoe we stuur, pedalen, versnelling enzovoort in combinatie moeten bedienen. Dat weten we gewoon en gaat allemaal (allang) vanzelf. Op die manier houden we onze aandacht vrij voor belangrijker zaken. Keerzijde van die medaille is dat we ook niet meer zo gemakkelijk op het idee komen het autorijden nu eens totaal anders in te steken. Het blijkt voor ons, mensen, reuze lastig om ‘de kar’ uit een diep ingesleten karrenspoor te trekken en nieuwe wegen in te slaan.

Wie, ander voorbeeld, de enorme kracht van standaardisatie heeft ervaren, kan maar zo, automatisch dus, op het idee komen dat standaardisatie hèt middel is om voorspelbaarheid te vergroten en (weer) grip te krijgen op zo gevarieerd menselijk gedrag. Keerzijde van die medaille is dat het buiten de waard van de natuurlijke menselijke diversiteit rekent en haar rücksichtslos aan de ketting probeert te leggen. En dat werkt niet: er bestaat immers geen werkelijkheid die zich aan onze onnatuurlijke ideeën erover aanpast. Standaardisatie kan, hier als voorbeeld, zomaar doorschieten en uiterst disfunctioneel worden.

Die automatische piloot is niet alleen erg krachtig, maar werkt tegelijk ook zonder aanzien des persoons. En dat is iets om rekening mee te houden, want die automatische piloot is namelijk niet of nauwelijks op zijn drager betrokken. Het maakt hem werkelijk niet uit wat de gevolgen zijn van door hem in gang gezette handelingen. In relatief statische omgevingen is dat doorgaans geen probleem, maar in hedendaagse dynamiek levert dat steeds gemakkelijker decorumverlies (en erger) voor de drager op.

We leven in een uiterst boeiende tijd. Een tijd waarin drastische wijzigingen zich direct onder onze ogen voltrekken. Een tijd om vooral heel bewust mee te maken. De oude en vertrouwde zuilen van weleer zijn (grotendeels) verdwenen. Veel van wat vroeger goed werkte, werkt vandaag niet meer. De meest kleurrijke schakeringen aan personenverbanden komen als vanzelf op als gemeenschappelijke belangen in voldoende mate worden herkend en erkend. En netzo gemakkelijk verdwijnen ze ook weer wanneer ze zijn uitgewerkt. Onderliggende relaties blijven grotendeels in tact; de uiterlijke manifestaties ervan komen en gaan. Sociale netwerken, smart/mobile devices enzovoort vormen uiterst wendbare ingrediënten van moderne (her)groeperingsplatforms. Zo’n beetje alles verandert waar we bij staan – recht voor onze neus. Één en al dynamiek en natuurlijke diversiteit.

Vraag is even of we onszelf, dat wil zeggen onze mindset, toestaan die diversiteit te zíen. Of dat we ons er (nog) geen raad mee weten en ons ‘dan maar’ (stevig) vastklampen aan half vergane en afbrokkelende vestingwallen die geen mens nog werkelijke bescherming bieden. Onze ogen zien die diversiteit al geruime tijd. Onze oren horen er al vele maanden over. Maar wat ziet onze mind? Dat laatste is bepalend voor onze reactie op hedendaagse menselijke diversiteit: reactief of creatief.
Eric Hoffer (1973) zei het zo: “In times of drastic change, learners inherit the world, while the learned remain beautifully equipped to deal with a world that no longer exists”. Voor de learners vereist dat, nu in de woorden van Shoshana Zuboff (1988), een “rupture of the world [they took] for granted; then the old categories of reference are called into question and revised”. Ja, we leven in een uiterst boeiende tijd.

Wat zou die indiaan, daar aan de oostkust van Amerika, eigenlijk precies hebben gezien en gehoord toen Columbus daar, eeuwen geleden alweer, voor het eerst met een aantal tall ships aan kwam zeilen? Vergelijkingsmateriaal was in zijn brein (vrijwel) niet voorhanden. Te herkennen viel er voor hem daardoor (vrijwel) niets. Wat zag hij toen? Werd hij een learner of bleef hij een learned? Hoe dan ook: zijn wereld veranderde (uiteindelijk) radicaal.


Copyright (c) 2010 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.

Geen opmerkingen: