In onze hedendaagse wereld raken individuen hyperconnected [1]. Mensen in groepen en afdelingen…. Mensen in business units en organisaties…. Overal raken ze hyperconnected. En dankzij de vele indrukken die al deze mensen in al hun wisselende verbanden via al deze veranderlijke en voortdurend veranderende connecties opdoen… neemt hun gedragsrepertoire hand over hand toe. Dat geldt voor U. Dat geldt voor mij.
In het kielzog daarvan neemt voorspelbaarheid van gedrag (snel) af. Ook de ons zo vertrouwde samenhang ‘der dingen’ – wereldbeeld, zeg ook maar – komt meer en meer op losse schroeven te staan. Zaken lijken steeds meer door elkaar te gaan lopen. De organisatie zoals wij die kennen, en dat geldt uiteraard voor elk ander verband, vervloeit en verliest haar zo bekende vaste vorm en patronen. Gangbare middelen voor coördinatie van (onderling) gedrag werken niet of nauwelijks meer. Management zoekt koortsachtig naar oplossingen in een oplossingsruimte die zelf volop in de wind van zojuist geschetste veranderingen staat. Ons onderling verkeren krijgt trekken van een soort pap van wat eens rups was en vlinder moet worden. Ieder doet wat hem/haar – gegeven de situatie-van-het-moment – het verstandigst lijkt. Onderlinge irritaties en erupties nemen daarbij nog in hevigheid en frequentie toe. Al met al reuze lastig, maar shift inescapably happens: de wereld creëert – onstuitbaar; of het u nu aanstaat of niet – haar nieuwe vorm.
Ook de businessomgeving wordt vluchtig en onzeker. Oude en vertrouwde methoden en denkwijzen verliezen in ijltempo kracht; nieuwe worden (nog) genegeerd – management houdt zich nog krampachtig vast aan weliswaar erkende, maar inmiddels disfunctionele ziens- en zijnswijzen. “In times of drastic change, learners inherit the world, while the learned remain beautifully equipped to deal with a world that no longer exists”, zei Eric Hoffer (al) in 1973. De uitdaging blijft om de learned te transformeren in learners.
In zo’n hyperconnected wereld – een netwerk van netwerken – is een verschuiving in focus van losse applicatie naar applicaties-in-een-keten natuurlijk prachtig, maar tegelijk ook volstrekt ontoereikend. Wat vandaag de dag duidelijk zou kunnen (en ook moeten) zijn, is dat het meer dan ooit om de individuele hyperconnected mens draait die met al zijn ‘gedoe’ en in volle wisselwerking met zijn dynamische omgeving de organisatie tot een succes maakt.
Hoe gaat IT eigenlijk met deze inescapable shift om? Enerzijds telt IT als de grote gangmaker achter deze omwenteling. IT hielp de geest uit de fles en bracht zo voortgaande beweging onomkeerbaar op stoom. Anderzijds is het diezelfde IT die momenteel (en grotendeels onbewust) voor veel frustratie en stagnatie zorgt. Want IT blijft hangen in T – ten koste van betekenisvolle I. En dat terwijl we verder moeten; shift is inescapable! Nog altijd staat techniek (applicaties, netwerk, interfaces etc. etc.) krachtig in het brandpunt van haar belangstelling: nieuwe technologieën en technieken blijven over elkaar heen buitelen. Klopt, er is nu ook aandacht voor integratiemanagement om de explosieve (wild)groei aan interfaces te… te…, ja wat eigenlijk precies? Het is zonneklaar dat integratiemanagement tot op heden slechts pijnlijk duidelijk heeft gemaakt hoe tenenkrommend onsamenhangend hedendaagse (geavanceerde) informatiesystemen nog altijd zijn.
We zitten volop in nieuwe ontwikkelingsstap. Shift inescapably happens. En die shift kunnen we bespoedigen door het oude en vertrouwde nu verder maar gewoon los te laten. Denk aan Hoffer; laten we learners worden en de wereld betreden die onstuitbaar in wording is. Laten we de hyperconnected mensen met al hun ‘gedoe’ in het centrum van onze oprechte belangstelling plaatsen. Onze welhaast genetisch ingebrande ijver uiterste objectiviteit na te jagen (hartelijk dank Descartes!) door het subject stelselmatig buiten spel te zetten, werkt niet meer. Menselijk gedoe – hoe lastig dat misschien ook lijkt – moet het voorwerp bij uitstek worden van onze onverdeelde aandacht.
Hoe ‘vangen’ we dat menselijk gedoe? Wat is de informatische crux van alle menselijke gedoe? Dat is Informatie van Betekenis voor Hyperconnected Mensen. Inderdaad, dáár zijn we uit de bocht gevlogen: voor hyperconnected mensen begint informatie uit een nog steeds groeiende brei aan gekoppelde systemen heldere betekenis hinderlijk te verliezen. Menselijk gedoe vraagt – uitgerekend nu: hyperconnected! – van geval tot geval om kraakheldere betekenis. Anders wordt het niets met de vlinder. Informatie van Betekenis stuurt optimaal hyperconnected menselijk gedrag; hun gedoe, zeg ook maar. Een wezenlijk stelselmatige (kijk op) informatievoorziening [2]; dàt brengt noodzakelijke doorbraak een hele stap, ja, een sprong dichterbij. Daarbij maken we volop gebruik van geavanceerde hedendaagse technologie: die doet haar ingewikkelde werk, net als altijd – wellicht in een iets andere setting [3], maar nu met Informatie van momentane Betekenis. Vlinders kunnen er mee lezen en schrijven.
Noten:
[1] De term hyperconnected trof ik aan in From Hierarchy to Panarchy: Hybrid Thinking’s Resilient Network of Renewal van Nicholas Gall (Gartner; 22 December 2010). Genoemd artikel zette me aan tot het schrijven van deze column. De inescapable shift die Gall aanwijst, is al vele jaren zichtbaar en begint op alle terreinen van de samenleving steeds duidelijker vormen aan te nemen. Ja, uiteindelijk ook in de IT. Inescapable!
[2] Het Handboek Metapatroon van de hand van Pieter Wisse geeft de lezer de uitgekiende mogelijkheid om een goed idee op te doen van een stelselmatige kijk op informatievoorziening – zo uitgebreid en gericht als de lezer zich maar wenst.
[3] Eind januari 2011 wees ik Nicholas Gall op het mogelijk belangwekkende verband tussen informatie-infrastructuur (Information Dynamics) en panarchy/panarchitecture (Gartner). Zie daarvoor mijn bijdrage op Amplify.
Copyright (c) 2011 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.
maandag 31 januari 2011
vrijdag 10 december 2010
Uitgewerkte verzinsels
Wij mensen verzinnen wat af. Zo hebben we in de loop van de tijd de ‘organisatie’ verzonnen. En het ‘proces’. Daar is werkelijk niets mis mee – zolang we ons er maar rekenschap van blijven geven dat het, inderdaad, verzinsels zijn. En precies daar gaat het nogal eens mis: in geval van succes verabsoluteren en verafgoden we zo’n verzinsel al gauw en hangen er vervolgens een hele wereld aan op.
Organisatie.
Wat ligt er aan het verzinsel ‘organisatie’ ten grondslag? Dat zijn mensen. Mensen in al hun onderlinge samenwerkingsverbanden. Samenwerkingsverbanden die in hedendaagse dynamiek – informatiemaatschappij – steeds gevarieerder worden en ook meer dan ooit variëren. Verreweg de meeste van onze huidige realisaties van het verzinsel ‘organisatie’ kunnen die dynamiek niet of nauwelijks bijbenen. Het is alsof je naar een film uit de jaren zestig kijkt: slaapverwekkend – er zit geen pit, geen snelheid in! Ons huidige verzinsel ‘organisatie’ is uitgewerkt. Wie zich dat realiseert, ziet dat dergelijke organisaties aan het doodbloeden zijn. Moderne samenwerkingsverbanden kunnen er niet mee uit de voeten en zoeken steeds vaker en sneller personenverbanden waarmee ze zich wel kunnen verstaan.
Proces.
Wat ligt er aan het verzinsel ‘proces’ ten grondslag? Dat zijn, alweer, mensen. Mensen in al hun onderlinge samenwerkingsverbanden. Samenwerkingsverbanden die in hedendaagse dynamiek – informatiemaatschappij – steeds gevarieerder worden en ook meer dan ooit variëren. Verreweg de meeste van onze huidige realisaties van het verzinsel ‘proces’ kunnen die dynamiek al niet of nauwelijks meer bijbenen. Ja, ook ons huidige verzinsel ‘proces’ is al uitgewerkt. Wie zich dat realiseert, ziet dat ook processen (samen met organisatie) aan het doodbloeden zijn. Moderne, fluctuerende samenwerkingsverbanden kunnen er niet zinvol mee uit de voeten en zoeken steeds vaker en sneller personenverbanden waar ze zich wel mee kunnen verstaan.
Personenverbanden.
Wat er dus eerst en vooral toe doet, zijn de gevarieerde en variërende menselijke verbanden waarin wij ons gedragen – lees ook: signalen, tekens, informatie oppikken van/afgeven aan andere mensen – tot allerhande moderne vormen van samenwerking. En een bepaalde clustering van gedragingen (tot bepaald verband) kunnen we, als we dat (nog) willen, als proces bestempelen. Of als organisatie. Maar proces en organisatie zijn daarbij niet meer leidend; we hangen ‘de boel’ er niet meer aan op. Nee, dat zijn maar oude verzinsels – die zijn uitgewerkt.
Situationeel menselijk gedrag.
Het gaat dus om situationeel menselijk gedrag in tal van variërende en gevarieerde personenverbanden. Al die gedragingen representeren we op coherente wijze met behulp van een informatiestelsel. En als bepaald gedrag plaatsvindt in het kader van een bepaald personenverband (bijv. een organisatie) dat is dat gewoon extra informatie die ‘slechts’ situationeel van belang is. Ook informatisch gezien is de organisatie of het proces niet langer leidend.
Let op!
Vergeet niet dat ook dit een verzinsel is. Maar het is wel een verzinsel waar we werkelijk een stuk verder mee komen! Blijf dus alert op veroudering en verzin tijdig nieuwe, dan weer werkzame verzinsels. Welkom in heuse informatiesamenleving (alweer een personenverband)!
Copyright (c) 2010 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.
Organisatie.
Wat ligt er aan het verzinsel ‘organisatie’ ten grondslag? Dat zijn mensen. Mensen in al hun onderlinge samenwerkingsverbanden. Samenwerkingsverbanden die in hedendaagse dynamiek – informatiemaatschappij – steeds gevarieerder worden en ook meer dan ooit variëren. Verreweg de meeste van onze huidige realisaties van het verzinsel ‘organisatie’ kunnen die dynamiek niet of nauwelijks bijbenen. Het is alsof je naar een film uit de jaren zestig kijkt: slaapverwekkend – er zit geen pit, geen snelheid in! Ons huidige verzinsel ‘organisatie’ is uitgewerkt. Wie zich dat realiseert, ziet dat dergelijke organisaties aan het doodbloeden zijn. Moderne samenwerkingsverbanden kunnen er niet mee uit de voeten en zoeken steeds vaker en sneller personenverbanden waarmee ze zich wel kunnen verstaan.
Proces.
Wat ligt er aan het verzinsel ‘proces’ ten grondslag? Dat zijn, alweer, mensen. Mensen in al hun onderlinge samenwerkingsverbanden. Samenwerkingsverbanden die in hedendaagse dynamiek – informatiemaatschappij – steeds gevarieerder worden en ook meer dan ooit variëren. Verreweg de meeste van onze huidige realisaties van het verzinsel ‘proces’ kunnen die dynamiek al niet of nauwelijks meer bijbenen. Ja, ook ons huidige verzinsel ‘proces’ is al uitgewerkt. Wie zich dat realiseert, ziet dat ook processen (samen met organisatie) aan het doodbloeden zijn. Moderne, fluctuerende samenwerkingsverbanden kunnen er niet zinvol mee uit de voeten en zoeken steeds vaker en sneller personenverbanden waar ze zich wel mee kunnen verstaan.
Personenverbanden.
Wat er dus eerst en vooral toe doet, zijn de gevarieerde en variërende menselijke verbanden waarin wij ons gedragen – lees ook: signalen, tekens, informatie oppikken van/afgeven aan andere mensen – tot allerhande moderne vormen van samenwerking. En een bepaalde clustering van gedragingen (tot bepaald verband) kunnen we, als we dat (nog) willen, als proces bestempelen. Of als organisatie. Maar proces en organisatie zijn daarbij niet meer leidend; we hangen ‘de boel’ er niet meer aan op. Nee, dat zijn maar oude verzinsels – die zijn uitgewerkt.
Situationeel menselijk gedrag.
Het gaat dus om situationeel menselijk gedrag in tal van variërende en gevarieerde personenverbanden. Al die gedragingen representeren we op coherente wijze met behulp van een informatiestelsel. En als bepaald gedrag plaatsvindt in het kader van een bepaald personenverband (bijv. een organisatie) dat is dat gewoon extra informatie die ‘slechts’ situationeel van belang is. Ook informatisch gezien is de organisatie of het proces niet langer leidend.
Let op!
Vergeet niet dat ook dit een verzinsel is. Maar het is wel een verzinsel waar we werkelijk een stuk verder mee komen! Blijf dus alert op veroudering en verzin tijdig nieuwe, dan weer werkzame verzinsels. Welkom in heuse informatiesamenleving (alweer een personenverband)!
Copyright (c) 2010 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.
dinsdag 7 december 2010
infOrch
infOrch? Dat staat voor infOrmation Orchestration. Zucht… is dat (alwéér) iets nieuws? Tja, dat hangt af van de manier waarop u waarneemt – lees ook: voor waar aanneemt.
Wie in infOrch vooral bekènde dingen ziet… geen behoefte heeft aan anders of vèrder kijken dan vigerende mindset als vanzelf mogelijk maakt… die ziet, inderdaad, niets nieuws. Die haalt zijn/haar schouders wellicht op en gaat al snel weer over tot de orde van zijn/haar dag.
Voor wie wèl anders of vèrder kijkt dan zijn/haar gewone dagelijkse neus lang is, valt al snel veel moois te zien èn te beleven. Voor hem/haar biedt infOrmation Orchestration een geheel andere, nieuwe kijk op informatievoorziening.
En dat is – naar mijn idee – broodnodig in een informatiemaatschappij die Zuchtend gebukt gaat onder de beperkingen van heersend denken. Mindful aanbevolen dus. Please do mindjoy de infOrch presentatie.
Noten:
1) Een meer abstracte, maar metaforisch wel veel krachtiger aanduiding voor infOrmation Orchestration is informatierotonde of, in het Engels, information roundabout. Voor beide staat het naadloos in en uit elkaar vorken van heel gevarieerde en variërende informatieverkeersstromen centraal.
2) Van groot belang voor infOrch is de infrastructurele ordening van informatie. Die ordening wijkt kwalitatief af van de gangbare praxis voor informatieordening. De enige geschikte methode (annex operationeel platform) die ik ken is Metapattern.
Copyright (c) 2010 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.
Wie in infOrch vooral bekènde dingen ziet… geen behoefte heeft aan anders of vèrder kijken dan vigerende mindset als vanzelf mogelijk maakt… die ziet, inderdaad, niets nieuws. Die haalt zijn/haar schouders wellicht op en gaat al snel weer over tot de orde van zijn/haar dag.
Voor wie wèl anders of vèrder kijkt dan zijn/haar gewone dagelijkse neus lang is, valt al snel veel moois te zien èn te beleven. Voor hem/haar biedt infOrmation Orchestration een geheel andere, nieuwe kijk op informatievoorziening.
En dat is – naar mijn idee – broodnodig in een informatiemaatschappij die Zuchtend gebukt gaat onder de beperkingen van heersend denken. Mindful aanbevolen dus. Please do mindjoy de infOrch presentatie.
Noten:
1) Een meer abstracte, maar metaforisch wel veel krachtiger aanduiding voor infOrmation Orchestration is informatierotonde of, in het Engels, information roundabout. Voor beide staat het naadloos in en uit elkaar vorken van heel gevarieerde en variërende informatieverkeersstromen centraal.
2) Van groot belang voor infOrch is de infrastructurele ordening van informatie. Die ordening wijkt kwalitatief af van de gangbare praxis voor informatieordening. De enige geschikte methode (annex operationeel platform) die ik ken is Metapattern.
Copyright (c) 2010 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.
maandag 6 december 2010
Stop informatierot
De manier waarop we onze informatie ordenen (modelleren), is doorgaans specifiek toegesneden op heel concrete (probleem)situaties. Dat is begrijpelijk. Vervelend is echter dat oplossingen die rondom zo’n specifieke ordening zijn/worden gebouwd, vandaag de dag erg snel verouderen. Want onder invloed van hedendaagse dynamiek – informatiemaatschappij, zeg ook maar, worden situaties steeds veranderlijker. En daarmee vervliegt in essentie ook (veel van) de bruikbaarheid van de bijbehorende informatie-ordening annex oplossing. Zo grijpt informatierot stoïcijns om zich heen en tast onze informatievoorzieningen tot op het bot (lees: betekenis) aan. Inconsistentie van informatie, ambiguïteit, onbegrip en irritatie zijn het gevolg. Inderdaad, dat is, met het nodige gevoel voor understatement, nogal vervelend.
Stel nu eens dat we informatie veel duurzamer zouden kunnen ordenen – veel onafhankelijker van toepassing in concrete dagelijkse (probleem)situaties. Wat voor gevolgen zou dat hebben voor bijvoorbeeld besluitvorming, bedrijfsvoering, wendbaarheid en succes van een organisatie?
Dergelijke informatie is uitermate geschikt voor algemeen gebruik – hèrgebruik dus – en heet daarom ook wel infrastructurele informatie. De structuur waarin dergelijke informatie zich in haar element weet, gaat door het leven onder de noemer van informatie-infrastructuur. Het gaat hier om duurzame informatie van heldere betekenis die is geordend tot heel gevarieerde toepassingsmogelijkheden in een veelheid aan (on)voorziene situaties.
Informatie komt in informatie-infrastructuur enkelvoudig voor. Dat scheelt alvast legio duplicaten – en in het kielzog daarvan overbodig beheer en verspilling van (financiële) middelen. Dat werkt ook enorm positief uit op kwaliteit en transparantie van informatie.
De direct rondom die infrastructurele informatie gebouwde applicaties zijn eveneens infrastructureel van aard; ze waarborgen uniforme, veilige en trefzekere omgang met infrastructurele informatie. Zo’n stelsel elimineert natuurlijk ook inconsistentie van informatie die we inmiddels kunnen missen als kiespijn.
Met zo’n stelsel in place daalt de time-to-market voor het realiseren van informatiebehoeften fors: infrastructurele functies hoeven slechts eenmalig te worden gebouwd en zijn samen met de infrastructurele informatie in veel gevallen al(lang) voor handen. Voor invulling van nieuwe informatiebehoeften bouwen we voortvarend verder aan eerder aangelegde en informatie-infrastructuur tot duurzaam hergebruik van functies en informatie. En zo neemt ook wendbaarheid van organisatie toe.
Stel nu eens dat het kan; dat we informatie veel onafhankelijker van specifieke toepassing in concrete dagelijkse (probleem)situaties kunnen ordenen. Zou u dat niet veel waard zijn?
Dan is er goed nieuws. Want het kan! Informatierot is daadwerkelijk te stoppen. Er bestaat ten minste één methode (Metapattern annex operationeel platform) voor het duurzaam ordenen van informatie tot robuuste betekenis. En daarom… daarom bent U aan zet: stop informatierot!
Copyright (c) 2010 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.
Stel nu eens dat we informatie veel duurzamer zouden kunnen ordenen – veel onafhankelijker van toepassing in concrete dagelijkse (probleem)situaties. Wat voor gevolgen zou dat hebben voor bijvoorbeeld besluitvorming, bedrijfsvoering, wendbaarheid en succes van een organisatie?
Dergelijke informatie is uitermate geschikt voor algemeen gebruik – hèrgebruik dus – en heet daarom ook wel infrastructurele informatie. De structuur waarin dergelijke informatie zich in haar element weet, gaat door het leven onder de noemer van informatie-infrastructuur. Het gaat hier om duurzame informatie van heldere betekenis die is geordend tot heel gevarieerde toepassingsmogelijkheden in een veelheid aan (on)voorziene situaties.
Informatie komt in informatie-infrastructuur enkelvoudig voor. Dat scheelt alvast legio duplicaten – en in het kielzog daarvan overbodig beheer en verspilling van (financiële) middelen. Dat werkt ook enorm positief uit op kwaliteit en transparantie van informatie.
De direct rondom die infrastructurele informatie gebouwde applicaties zijn eveneens infrastructureel van aard; ze waarborgen uniforme, veilige en trefzekere omgang met infrastructurele informatie. Zo’n stelsel elimineert natuurlijk ook inconsistentie van informatie die we inmiddels kunnen missen als kiespijn.
Met zo’n stelsel in place daalt de time-to-market voor het realiseren van informatiebehoeften fors: infrastructurele functies hoeven slechts eenmalig te worden gebouwd en zijn samen met de infrastructurele informatie in veel gevallen al(lang) voor handen. Voor invulling van nieuwe informatiebehoeften bouwen we voortvarend verder aan eerder aangelegde en informatie-infrastructuur tot duurzaam hergebruik van functies en informatie. En zo neemt ook wendbaarheid van organisatie toe.
Stel nu eens dat het kan; dat we informatie veel onafhankelijker van specifieke toepassing in concrete dagelijkse (probleem)situaties kunnen ordenen. Zou u dat niet veel waard zijn?
Dan is er goed nieuws. Want het kan! Informatierot is daadwerkelijk te stoppen. Er bestaat ten minste één methode (Metapattern annex operationeel platform) voor het duurzaam ordenen van informatie tot robuuste betekenis. En daarom… daarom bent U aan zet: stop informatierot!
Copyright (c) 2010 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.
maandag 22 november 2010
Informatiedemocratie
Een democratie is een bestuursvorm die gebaseerd is op het menselijke gelijkheidsbeginsel; een algemeen principe dat iedere burger (wettelijk) gelijke rechten en een gelijke behandeling in gelijke gevallen toekent (vgl. Nederlandse grondwet, artikel 1). Als iedereen vrij en gelijk in rechten en plichten geboren is, zoals in het eerste artikel van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens staat, dan heeft ook niemand méér recht dan een ander om bepaalde wetten vast te stellen of beslissingen te nemen (Wiki; geraadpleegd november 2010).
Inmiddels leven we in een serieuze informatiemaatschappij waarin informatie óver mensen en informatie óver natuurlijke en artificiële zaken sterk de boventoon voeren en tegelijk diep zijn doorgedrongen in ons leven van alle dag. Een term als identiteitsdiefstal – als áánsprekend voorbeeld – raakt langzaamaan ‘ingeburgerd’. Het is flink wennen, maar zoals we toegang tot onze fysieke ruimten (huis, kluis, auto, boot etc.) afschermen, zo hebben we vandaag de dag ook de toegang tot onze informatieruimten ordelijk te regelen. En dat valt niet mee.
Dat lukt pas duurzaam wanneer we – burgers, bedrijven èn overheden; de hele democratie dus – serieus werk gaan maken van… informatiedemocratie. Dat is een bestuursvorm die gebaseerd is op het menselijke gelijkheidsbeginsel; een algemeen principe dat iedere burger (wettelijk) gelijke informatierechten en een gelijke informatiebehandeling in gelijke informatiegevallen toekent. Als iedereen vrij en gelijk in informatierechten en plichten geboren is, dan heeft ook niemand méér recht dan een ander om met bepaalde informatie te handelen. Klopt, de overheid draagt daarin een bijzondere verantwoordelijkheid. Hulp van burgers en bedrijven daarbij is ongetwijfeld welkom….
Een krachtige aanzet vormt het 16 artikelen ‘lange’ Manifest voor informatieverkeer. Als rechtgeaard en belanghebbend informatiedemocraat kunt u daar beslist niet omheen! Toch? Hieronder laat ik slechts enkele artikelen, kort, de revue passeren.
Artikel 1 luidt buitengewoon helder en kernachtig: “Informatie over de individuele (rechts)persoon is eigendom van diezèlfde (rechts)persoon.” Analoog aan en aanvullend op oude en vertrouwde wereld raakt nu ook informatie aan de (rechts)persoon verbonden. Inderdaad, artikel 2, “[e]igendomsrecht vestigt oorspronkelijk en volledig beschikkingsrecht van de persoon over zijn persoonsinformatie.” Zo, de “[m]aatschappelijke beginselen” staan – als een huis!
Dat huis verdient echter – voor broodnodig maatschappelijk evenwicht – nuancering; verdere aankleding zeg ook maar. Want onbeperkt zelfbeschikkingsrecht “borgt eventueel onvoldoende vertrouwen voor maatschappelijk verkeer met specialistische bijdragen.” Zulks dient dan wel ordelijk geregeld te zijn. Artikel 3 luidt dan ook: “De persoon kan uitsluitend bij wet beperkt zijn in beschikkingsrecht over zijn persoonsinformatie.”
Zelf kan de (rechts)persoon handelingsrecht verlenen. Daarover gaat artikel 6: “De persoon kan (vrijwillig) recht op handeling met zijn beschikbare persoonsinformatie verlenen aan andere personen.” Hoe dat vorm krijgt, volgt direct in artikel 7: “De personen bepalen in een overeenkomst voor specifieke verlening van handelingsrecht tenminste a. de persoon die handelingsrecht verleent, b. de persoon die handelingsrecht verkrijgt, c. het doel, d. de termijn en e. de relevante deelverzameling van de beschikbare persoonsinformatie.”
Naast de handelingsrechten zijn er natuurlijk ook de “[w]ettelijke handelingsverplichting[en]” met persoonsinformatie. Daarover gaan de artikelen 8 en 9.
Ook belangrijk voor voldoende maatschappelijk evenwicht zijn de vijf afsluitende artikelen die gaan over de wettelijke verplichting tot het afleggen van “[v]erantwoording over handeling en beheer”. Ik noem slechts artikel 12: “De andere persoon […] verantwoordt zich ongevraagd pèr transactie aan de persoon over handeling met diens persoonsinformatie. De rapportagetermijn is maximaal veertien dagen na voltrekking van de transactie.”
U bent informatiedemocraat? U omarmt het informatiedemocratische gedachtengoed? Mooi! Waar is het wachten dan op? Op een Partij voor Informatiedemocratie?
Copyright (c) 2010 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.
Inmiddels leven we in een serieuze informatiemaatschappij waarin informatie óver mensen en informatie óver natuurlijke en artificiële zaken sterk de boventoon voeren en tegelijk diep zijn doorgedrongen in ons leven van alle dag. Een term als identiteitsdiefstal – als áánsprekend voorbeeld – raakt langzaamaan ‘ingeburgerd’. Het is flink wennen, maar zoals we toegang tot onze fysieke ruimten (huis, kluis, auto, boot etc.) afschermen, zo hebben we vandaag de dag ook de toegang tot onze informatieruimten ordelijk te regelen. En dat valt niet mee.
Dat lukt pas duurzaam wanneer we – burgers, bedrijven èn overheden; de hele democratie dus – serieus werk gaan maken van… informatiedemocratie. Dat is een bestuursvorm die gebaseerd is op het menselijke gelijkheidsbeginsel; een algemeen principe dat iedere burger (wettelijk) gelijke informatierechten en een gelijke informatiebehandeling in gelijke informatiegevallen toekent. Als iedereen vrij en gelijk in informatierechten en plichten geboren is, dan heeft ook niemand méér recht dan een ander om met bepaalde informatie te handelen. Klopt, de overheid draagt daarin een bijzondere verantwoordelijkheid. Hulp van burgers en bedrijven daarbij is ongetwijfeld welkom….
Een krachtige aanzet vormt het 16 artikelen ‘lange’ Manifest voor informatieverkeer. Als rechtgeaard en belanghebbend informatiedemocraat kunt u daar beslist niet omheen! Toch? Hieronder laat ik slechts enkele artikelen, kort, de revue passeren.
Artikel 1 luidt buitengewoon helder en kernachtig: “Informatie over de individuele (rechts)persoon is eigendom van diezèlfde (rechts)persoon.” Analoog aan en aanvullend op oude en vertrouwde wereld raakt nu ook informatie aan de (rechts)persoon verbonden. Inderdaad, artikel 2, “[e]igendomsrecht vestigt oorspronkelijk en volledig beschikkingsrecht van de persoon over zijn persoonsinformatie.” Zo, de “[m]aatschappelijke beginselen” staan – als een huis!
Dat huis verdient echter – voor broodnodig maatschappelijk evenwicht – nuancering; verdere aankleding zeg ook maar. Want onbeperkt zelfbeschikkingsrecht “borgt eventueel onvoldoende vertrouwen voor maatschappelijk verkeer met specialistische bijdragen.” Zulks dient dan wel ordelijk geregeld te zijn. Artikel 3 luidt dan ook: “De persoon kan uitsluitend bij wet beperkt zijn in beschikkingsrecht over zijn persoonsinformatie.”
Zelf kan de (rechts)persoon handelingsrecht verlenen. Daarover gaat artikel 6: “De persoon kan (vrijwillig) recht op handeling met zijn beschikbare persoonsinformatie verlenen aan andere personen.” Hoe dat vorm krijgt, volgt direct in artikel 7: “De personen bepalen in een overeenkomst voor specifieke verlening van handelingsrecht tenminste a. de persoon die handelingsrecht verleent, b. de persoon die handelingsrecht verkrijgt, c. het doel, d. de termijn en e. de relevante deelverzameling van de beschikbare persoonsinformatie.”
Naast de handelingsrechten zijn er natuurlijk ook de “[w]ettelijke handelingsverplichting[en]” met persoonsinformatie. Daarover gaan de artikelen 8 en 9.
Ook belangrijk voor voldoende maatschappelijk evenwicht zijn de vijf afsluitende artikelen die gaan over de wettelijke verplichting tot het afleggen van “[v]erantwoording over handeling en beheer”. Ik noem slechts artikel 12: “De andere persoon […] verantwoordt zich ongevraagd pèr transactie aan de persoon over handeling met diens persoonsinformatie. De rapportagetermijn is maximaal veertien dagen na voltrekking van de transactie.”
U bent informatiedemocraat? U omarmt het informatiedemocratische gedachtengoed? Mooi! Waar is het wachten dan op? Op een Partij voor Informatiedemocratie?
Copyright (c) 2010 Emovere/Jan van Til - All rights reserved.
Abonneren op:
Posts (Atom)